Waarom doet het nieuwe wetsvoorstel ertoe, voor start-ups en andere bedrijven?
Aandelenopties voor werknemers
Aandelenopties zijn een populair instrument voor start-ups om talent aan te trekken zonder torenhoge loonkosten. Medewerkers krijgen een bescheiden basissalaris, maar delen mee in het toekomstige succes van de onderneming. Toch liep Nederland achter: werknemers werden vaak al belast vóórdat zij iets verdienden op hun opties. De wetgeving van 2023 bracht verbetering, maar liet nog belangrijke knelpunten op het gebied van belasting op aandelenopties bestaan. Met een nieuw wetsvoorstel op komst, lijkt er eindelijk écht ruimte te komen voor groei.
De oude regeling: belasting op aandelenopties voordat er geld in handen is
In de afgelopen jaren werd er belasting geheven op het moment dat een werknemer de aandelenopties uitoefende. Dit werkt wellicht prima voor managers in een beursgenoteerde omgeving, die de belasting over dit voordeel uit andere inkomsten kunnen betalen, of direct een deel van de gekochte aandelen kan verkopen om het bedrag aan belasting te dekken. Maar als (jongere) werknemer in de start-up, wie de aandelenopties uitoefent voor een beursgang of verkoop, betekent dit in de praktijk een belastingdruk zonder cashflow. Voor sommigen een flinke drempel voor het gebruik van aandelenopties als aantrekkelijke leuze in het beloningspakket.
De huidige regeling: Meer keuze, meer belasting?
Sinds 1 januari 2023 kunnen werknemers kiezen wanneer zij loonbelasting willen betalen over hun aandelenopties. Dit kan:
- Bij uitoefening van de opties (zoals voorheen de standaard was); of,
- Bij verhandelbaarheid van de aandelen.
De invoering van deze regeling is een stap in de goede richting, omdat belastingheffing in ieder geval uitgesteld kan worden, tot bijvoorbeeld de latere beursgang of verkoop van het bedrijf. Dat geeft lucht, maar roept ook vragen op. Wat is “verhandelbaar”? En hoe ga je om met extra administratie als werkgever? Bovendien blijft de waardestijging tussen uitoefening en verkoop belast als loon.
Het nieuwe wetsvoorstel (vanaf 2027): meer dan alleen uitstel van belasting op aandelenopties
In het nieuwe wetsvoorstel wordt geprobeerd in te gaan op de bezwaren van bovengenoemde huidige regeling. Waar je ziet dat landen om ons heen vaak meer fiscale voordelen bieden dan enkel een uitstel van belastingheffing, komt Nederland nog te kort om een belangrijke rol te spelen in de keuze als start-up klimaat. Dit is in ieder geval waar op het gebied van beloning van werknemers.
In het nieuwste voorstel wordt gekeken naar twee belangrijke aanpassingen:
- Uitstel van heffing tot het moment waarop de onderliggende aandelen verkocht worden, in plaats van uitoefening van de opties of verhandelbaarheid van de aandelen.
- Het beperken van de effectieve belastingdruk, door een gedeelte van het voordeel niet als loon te beschouwen.
Dit nieuwe voorstel geeft gehoor aan de praktische bezwaren die nu bestaan, namelijk het cashflow probleem rondom het moment van belasting betalen. En daarnaast ook aan de daadwerkelijke belastingdruk.
Conclusie en advies
De huidige regeling voor belasting op aandelenopties is een stap in de goede richting, maar het wetsvoorstel gaat hierin nog een stap verder. Het is interessant om te zien om een verandering in belasting op aandelenopties daadwerkelijk een boost kan geven aan Nederland als start-up klimaat, laten we hopen van wel!
Zorg dat je voorbereid bent op de nieuwe wetgeving en kijkt naar de mogelijkheden om te belonen met aandelenopties. Zeker voor start-ups die eerder geen opties gebruikten vanwege de fiscale complexiteit, is dit hét moment om opnieuw naar aandelenbeloningen te kijken.




